LET OP: Uw browser is te oud om deze website correct weer te geven. Update uw browser om dit probleem op te lossen.

2013

17e editie Southern Blues Night
in de boeken als muzikaal een van de beste edities.
Het is vrijdagavond 15 maart en tijd voor de 17e editie van de Southern Blues Night. Traditiegetrouw vindt deze altijd plaats in de Schouwburg van Heerlen. En net zoals alle andere jaren zijn er weer veel bluesliefhebbers op dit evenement afgekomen. Als ik er een grove schatting op los mag laten dan zijn er zo'n 1.500 tot 1.600 bezoekers naar het grootste indoor bluesfestival van Nederland gekomen. Dat verbaasd me eigenlijk totaal niet gezien de sterke line-up die over drie podia verdeeld de avond vol zal spelen met een diversiteit aan bluesstijlen.  

David Philips.        
In het DSM theatercafé worden we verwelkomt door de warme en heldere stem van David Philips. Deze singer/songwriter is leuk, spelend op zijn gitaar trekt hij redelijk wat geïnteresseerde  die deze avond gekomen zijn voor dit prachtige festival. En met de vertolking van “Freedom” van George Michael, wel een hele eigen interpretatie naar mijn idee, is dit een leuke kick off voor een wat bijzonder avond lijkt te worden. (JB)

Khalif Wailin’ Walter. 
Voor Khalif Wailin’ Walter zal the Southern Blues Night nog wel een tijdje in zijn geheugen gegrift staan, want het zat hem die dag niet bepaald mee. Eerst meldde zijn vaste organist Mo Fürhop (o.a. Henrik Freischlader Band) zich af na een fietsongeluk, later kreeg Khalif zelf een lekke band op weg naar de studio van de Lokale Omroep Stein. Op het podium van de Limburgzaal was daar gelukkig niks van te merken en bracht het overgebleven trio dat naast Khalif bestond uit Daniel Hopf, bas en Alex Lex op drums, een dampende set van Blues, Rock, Boogie en Funk. Al deze stijlen kwamen deze avond voor bij en zorgden er voor dat de temperatuur in de zaal al snel op liep. Het is nu eenmaal moeilijk stil staan op nummers als ‘Let ‘em In’, de boogie ‘Chost Train’, de stevige meezinger ‘Big Bootyed Woman’ of het funky ‘She Put The Voodoo On Me’. De tegenwoordig in Essen (Dld) woonachtige gitaarbeul heeft zijn roots in Chicago, leerde het ‘vak’ van o.a. zijn oom Carl Weathersby (SBN 2011), maar trok daar uit ongenoegen weg omdat hij het zat was om iedere avond op verzoek dezelfde standards’ te spelen. Dit verwoorde hij treffend in ‘I Got My Own Kinda Groove’, dat ook deel uit maakte van zijn setlist. In Europa kan hij zijn eigen ding doen en dat is niet gering zoals deze avond bleek. Alweer een prima optreden dat in mijn geheugen gegrift zal staan. (HL)

Hans Theessink & Terry Evans.
Dit geweldige en sympathieke duo is muzikaal heel vlot, de zaal loopt al gauw vol met liefhebbers van dit iets rustigere genre. Een mix van Southern Blues en country.  Met het nummer: ‘Females Don’t Let A Good’ proef je de harmonie tussen de twee gitaar spelende kanjers afgewisseld met vrolijke harp geluiden. Dat wordt ook beloont door de toeschouwers, zeer genegen om te blijven luisteren als ook de toegankelijkheid maar vooral muzikale souplesse die Hans en Terry ten toon spreiden, vooral tijdens een nummer van Wilson Picket “Don’t Let The Green Grass Fool You'. Misschien niet van iedere toeschouwer zijn of haar ‘ding’ maar ik word er heel vrolijk van. (JB)

Mathieu Pesqué & Roll Pignault.
In het Theatercafé mogen Mathieu Pesqué en Roll Pignault als 2e act voor het voetlicht treden. De 2 sympathieke Fransen zijn in Nederland slechts bekend bij een beperkt aantal insiders en hun optreden op the Southern Blues Night zou wel eens voor een doorbraak hier in den lande kunnen zorgen. Het was dan ook bijzonder sneu voor hen dat hun optreden gedeeltelijk samen viel met dat van Mud Morganfield, die al ver van tevoren de zaal deed volstromen. Zij die er wel bij waren konden genieten van twee gedreven muzikanten die zo erg in hun spel opgingen dat het wel leek alsof ze in trance geraakten. Vooral Roll leek af en toe hogere machten aan te roepen, wat resulteerde in loepzuivere hoge tonen die hij uit zijn assortiment mondharmonica’s wist te toveren. Het zijn niet alleen traditionals als ‘Stagg o Lee’, ‘Last Fair Deal Going Down’ (Robert Johnson) of ‘Heart Of Gold’ (Neil Young) en ‘The Times They Are A Changing’ (Bob Dylan), die op geheel eigen wijze vertolkt worden, maar ook eigen nummers als: ‘Let’s Go Down’, ‘Black Road Blues’, ‘So Long’, ‘Poor Damned’ en ‘It Ain’t Right’ weten de aandacht vast te houden. Een ‘luisterconcert’ van grote klasse waarbij de liefhebbers van traditionele Delta blues en Folksongs volledig aan hun trekken kwamen. Voor anderen waren zij misschien wel dé verrassing van de avond! (HL)


Mud Morganfield & band.
Nadat de vijf koppige band een strakke opening speelt wordt Mud Morganfield met veel egard het podium op verwelkomt. En werkelijk wat een geweldige performer, strak in velours blauw jasje en dito schoenen gaat het gas meteen erop. Wie even aan wat rust toe was heeft pech, tijdens ‘Call You On The Phone’ laat hiervoor geen ruimte. Meteen swingt t helemaal met deze onvervalste Chicago blues. ‘Baby Please Don’t Go’ en ‘Blues in my Shoes’ laat in mijn ogen zien dat deze fantastische artiest het helemaal niet nodig heeft om hem met zijn beroemde vader te vergelijken maar een klasse apart is. Mud daagt zijn harpspeler Sam regelmatig uit voor wat extra……….. Wel een heel grappig moment is als Mud twee dames uit het publiek het podium opvraagt en verloot een gesigneerde CD voor wie het beste danst. Uiteraard mogen deze beide geluksvogels met de buit naar huis. En met de layback uitvoering van Etta James haar nummer “I Just Want To Make Love To You’ is het voor mij tijd om weer van zaal te wisselen. Maar wat een geweldig optreden is dit van Mud Morganfield en begeleid door zijn super swingende band. (JB)

Heritage Blues Orchestra.
En dan zitten we in de pluche zaal klaar voor wat haast wel lijkt de klapper van de avond. Vier koperblazers, een drummer, een harpspeler en twee gitaristen en leading lady staan klaar. Moeilijk in te schatten wat we kunnen verwachten maar met een Gospelachtige opening klinkt door de zaal een devotie voor de muziek, wat een kippenvel moment voor velen die het hebben mogen mee maken. ‘Hard Times’ lijkt dit gevoel alleen maar te vergroten. Het tempo word geleidelijk opgevoerd, steeds doordrenkt met de vreugde van deze negen koppige band voor het maken van muziek. Het lijkt zowaar wel of er een vloedgolf van muzikale heerlijkheid door de zaal stroomt, het publiek is beurtelings zwaar onder de indruk als wel laaiend enthousiast. ‘Don’t Ever Let Nobody Drag Your Spirit Down’ is een haast wel soepel samenspel van uitstekende stemgeluid, samengevoegd met harpspel, koperblazers en drum. John Hendrix was geweldig trots dat hij deze ongelofelijke top band heeft kunnen contracteren en geheel terecht. Wie nog niet bekend is met Heritage Blues Orchestra mag zeker bij de volgende gelegenheid om ze te ervaren zeker niet laten voorbij gaan. Met twee nominaties voor beste blues album en beste traditionele blues album een ware parel in de blues scene. (JB)

Hootenanny Jim.
De laatste act in het Theatercafé was Hootenanny Jim, een band rondom multi-muzikant Ad van Meurs. Met zijn zoon Dylan op de drums, echtgenote Ankie in de zaal achter de knoppen en soms ook achter haar stembanden want ze zingt op sommige nummers mee, lijkt het wel een ‘gezins project’. Hun vrienden Erwin Verlangen op leadguitar en Wim van den Hout op bas completeren de band die verantwoordelijk was voor een pot gruizige blues, lekkere rock ’n roll, maar ook melodieuze folksongs. Vanaf het begin wist de band de stemming er goed in te brengen…en ook te houden! Of dat nu met ‘flauwekul’ liedjes was, zoals Ad zelf ‘Slapjanus Blues’ en ‘Easy Riders van de Peel’ noemde, of met het meer serieuze werk zoals ‘You Never Knew’ (BB King), ‘Waiting Blues’, ‘Laundry Days en ‘’Junior Wailing’, het maakte hen niks uit, alles werd vol overgave gebracht. Het flitsende, stevige gitaarspel van Erwin Verlangen drukte op vrijwel iedere song zijn stempel, maar toch klonk het als een eenheid waar bij het speel plezier vanaf spatte. Deze “Easy Riders van de Peel” weten wel een feestje te bouwen. Een prima optreden, dat later nog een vervolg kreeg in de traditionele afsluitingsjam. (HL)

Busker Remco van de Vorst.     
Hij wordt wel eens de Bob Dylan van Sittard genoemd, een titel waar deze ‘echte’ straatmuzikant best wel trots op is.     Op een strategisch punt, dat hoef je straatzangers niet te leren, staat Remco van de Vorst. Spelend op zijn akoestische gitaar vermaakt hij de passanten die van de ene zaal naar de andere onderweg zijn. Velen houden even halt om te genieten van bekende nummers van Bob Dylan en andere protest zangers die hij in zijn repertoire heeft. Remco is duidelijk blij met de aandacht die hij krijgt en zeker als men ook nog een geldelijke bijdrage in zijn gitaarkoffer deponeert. (HL)

James Harman & Band ft. Enrico Crivellaro.    Voor zijn optreden in Heerlen stelde James Harman een super band samen die bestond uit Gene Taylor op de zwart/witte toetsen, Nico van Hove op staande bas, Bird Stevens op de drums en als special guest niemand minder dan Enrico Crivellaro op de gitaren. Tja, je hebt connecties of niet. Zij waren de laatste band in een volle Limburgzaal en voor de ogen van een enthousiast publiek ontrolde zich een heerlijke onderhoudende show van hoogwaardige blues, rock ’n roll, en soul. James Harman kan uit een enorm groot arsenaal songs putten en blijkt naast een fantastische mondharmonicaspeler/zanger ook een geboren showman te zijn. In Gene Taylor vond hij zijn partner in crime en beiden vermaakten het publiek en zichzelf met vrolijke fratsen, maar wel van hoog muzikaal niveau. James bracht vocaal o.a. "Crap Shooter" en "Helsinki Laundromat Blues" ten gehore, maar liet ook Gene Taylor bijdragen leveren met: " Jump For Joy”, “ Rainin' In My Heart” (Slim Harpo),  “The Twist” (Hank Ballard) en “Down The Road A Piece". Een glansrol was weggelegd voor Enrico Crivellaro, die gekleed in een outfit dat in de seventies het handelsmerk van the Rubettes was, de ene na de andere flitsende solo losjes uit de mouwen van zij witte pak schudde. Ook Ronnie Boysen (Mud Morganfield Band), werd op het podium geroepen en mocht soleren op "Taylor Made Woman".  (HL)

Jamsessie.
Aan alle goede dingen komt een einde maar wij mogen nog in het theatercafé genieten van de jamsessie. Na een toch op en neer geloop van zaal tot zaal om maar niets te willen missen is net Khalif samen met Mathieu Pesque muzikaal aan het stoeien. Stevige blues rock geeft Khalif toch nog de gelegenheid om zijn playlist af te werken, helaas was daar geen tijd meer voor tijdens het reguliere optreden. Mede door het uitstekende harpwerk van Pesque is dit een mooi staaltje jammen. Wat minder vond ik de haast timide vertolking van het overbekende ‘The Thrill Is Gone’. Maar wie ben ik, na zo’n avond vol met kwaliteit optredens? Heel verrassend is het optreden van jong talent Guy Smeets, die vooral door harpspeler Mathieu  Pesque wordt uitgedaagd om volledig het dak er af te spelen. En ook al was het misschien de bedoeling dat Gene Taylor en James Harman nog mee kwamen jammen, helaas is om 2 uur ‘s nachts dit grandioze feest echt ten einde. (JB)
Het is kenmerkend voor de echte artiesten dat ze vaak en zo lang mogelijk willen spelen en dat was deze avond ook zo, de show liep daarbij al gauw een half uur uit en moest noodgedwongen gestopt worden. Erg jammer, maar begrijpelijk.  De 17e editie van the Southern Blues Night was er eentje om in te lijsten, misschien wel de beste tot nu toe, in ieder geval eentje waarbij ik vele kippenvelmomenten beleefde. (HL)

Tekst: Jeannette Bes en Harm Lutke
Foto's: Harm Lutke en Wil Wijnhoven
www.bluesbreeker.nl   

 
Hans-Theessink
Mud-Morganfield
Hootenanny-Jim
James-Harman
Guy-Smeets